Rondom de Kerk

Thomas a Kempis – interview met Charles Caspers

De bemoedigende Navolging van Christus…

Angst voor God? Angst voor de communie?  Angst dat je het als mens  allemaal niet goed doet? Volgens kerkhistoricus Charles Caspers van het Nijmeegse Titus Brandsma Instituut kun je bemoediging vinden in de ‘Navolging van Christus’ van Thomas a Kempis. Het boek is als genadige spiegel voor je ziel tijdloos.

Een aanmoediging tot geestelijke vereniging met God. Dat is voor Caspers misschien wel de belangrijkste boodschap van De Navolging van Christus. “In Thomas’ tijd zijn de mensen bang voor God. Met name de Communie, waardoor die vereniging mogelijk wordt, is voor hen ‘fascinans’, fascinerend, maar tegelijkertijd ‘tremendum’, angstaanjagend. Het Sacrament is zozeer met mysteriën omgeven dat niemand eigenlijk nog goed te Communie durft te gaan, zij vinden zichzelf niet waardig genoeg. Thomas gaat daartegenin. Hij moedigt zijn lezers aan om het Sacrament te genieten met een verwijzing  naar het Evangelie van Mattheus als dat zegt: “Komt allen tot Mij, die belast en vermoeid zijt, en ik zal u verkwikken”. Daarop reflecteert Thomas: “Wie ben ik om die uitnodiging af te slaan?” Je zou kunnen zeggen dat Thomas zo de gewone gelovige emancipeert door de angst voor God bij hen weg te nemen. Toch bestaat die angst nog altijd hier en daar onder de naam avondmaalmijding.“

Eenvoud

Caspers: “Ook eenvoudige gelovigen mogen van Thomas vaker communiceren dan een keer per jaar, of alleen op hun sterfbed. Het is beter iets te doen uit liefde dan dit na te laten uit angst. Die weg van de eenvoud is typerend  voor de Moderne Devotie. Geert Grote, (1340-1384) de ‘stichter’, gaat als eerste met die eenvoud de straat op. Met zijn ‘devoten’ wil hij leven in alle eenvoud, net als de eerste christenen. Dat doet hij in de stad, die dan sterk in opkomst is. De geest van eenvoud zie je al bij de mysticus Jan van Ruusbroec (1293-1381), Geert Grote is de man van de actie. Nieuw is niet alleen dat Grote met deze boodschap de straat opgaat. Nieuw is ook dat hij priesters en leken inspireert om bij elkaar te gaan wonen. Voor Grote hoeft een kloostergelofte niet zo. Hij vindt de innerlijke  gesteldheid van iemand belangrijker dan diens afgelegde geloftes. Hij hekelt  kloosterlingen die  zich op hun bijzondere status laten voorstaan. Ook met deze visie en met deze leefwijze draagt de Moderne Devotie bij aan de emancipatie van de leek. En dat boeit me ontzettend.”

De straat opgaan is ook boeken schrijven

‘De straat opgaan’ betekent voor de devoten ook boeken schrijven. Caspers: “Ze hebben grote behoefte aan herbronning. En daar komt Thomas a Kempis (1380-1471) om de hoek kijken. Een heel eenvoudig mannetje. Eigenlijk is hij gewoon een novicenmeester die voor beginnende religieuzen een aantal spreuken aan elkaar heeft geregen. De Navolging is ook nog eens het minst katholieke van alle boeken die hij heeft geschreven. Het gaat niet over heiligen, en als hij het heeft over bedevaarten zegt hij dat je beter gewoon thuis kunt blijven. Maar te midden van de talrijke boeken die uit de beweging voortkomen is het wel dit boek dat beklijft. Het wordt eindeloos herdrukt en vertaald, omdat het als bloemlezing veel vertelt, en omdat het zo bemoedigt.”

Verwar innerlijke ontwikkeling niet met individualisme

Het boek is ook een weldadige spiegel. Het vraagt alleen van de lezer een eigenschap die dezer dagen niet zo in de mode is: zelfaanvaarding. Waar de middeleeuwer bang was voor God, zijn wij nu misschien wel bang voor onszelf, bang dat we onze doelen niet realiseren. “Een grote valkuil voor ons is vooral de spraakverwarring rond het begrip individu. Als Thomas het heeft over de innerlijke ontwikkeling bedoelt hij niet wat wij nu kennen als individualisme en zelfontplooiing.  Juist als je erin slaagt om je individuele drijfveren van je af te schudden, schep je ruimte in je innerlijk. Die ruimte is er dan voor de Ander, God, en voor de anderen, je medemensen. Innerlijkheid is dus niet individualistisch maar juist heel sociaal. In hedendaagse taal: ‘verbeter de wereld, begin bij jezelf’. De lezer van nu moet zich wel realiseren dat de Navolging een bloemlezing is waarin dingen staan waar mensen niet blij van worden. Die noemen het wel ‘akelig’ en ‘mistroostig’. Of het in sommige milieus kan leiden tot een depressiviteit, van generatie op generatie? Het zou me niet verbazen. Maar je kunt ook in plaats van in termen van succes of falen denken in termen van aan zelfaanvaarding en zelfkennis. En dan kan dit boek juist weer kracht en opluchting geven.”

Proeven en genieten als van een doos bonbons

Al met als is het juist een heel bemoedigend boek. “Als je jezelf kunt aanvaarden kan het je veel opbouwende kritiek geven. En door die bemoediging en de uitnodiging om God in je hart toe te laten groeit het boek uit boven zijn tijd. Het wordt tijdloos. Daarom moet je het ook niet in eén adem uitlezen. Het is, om met wijlen mijn collega Rudolf van Dijk te spreken, als een doos bonbons. Je moet proeven en genieten maar niet alles in een keer naar binnen werken.”

Jury Smit

Geplaatst in: Thomas a Kempis
donderdag, 30 maart 2017 30-3-2017