Voor de uitleg van het bijbelse kwartetspel moet je lager kijken
Klik op kwartet 7.1 kwartet 7.2 kwartet 7.3 kwartet 7.4 kwartet 7.5 kwartet 7.6 om de kaarten te kunnen afdrukken.
Welke vieringen zijn extra afgestemd op jullie leeftijd?
| WANNEER? | HOE LAAT? | WELKE KERK? | WAT? |
| elke zondag | 9u30
10 uur
11u15 | Sint Petrus
Regenboog
Sint Joseph | kinderwoorddienst |
15 april
22 april
20 mei
3 juni | 11 uur
11 uur
9u30
11 uur
11 uur
9u30
11u15 | Hartebrug
H. Laurentius
Christus Dienaar
Meerburg
Petrus
Maria Middelares
Joseph | Eerste Heilige Communie
Eerste Heilige Communie
Eerste Heilige Communie
Eerste Heilige Communie
Eerste Heilige Communie
Eerste Heilige Communie
Eerste Heilige Communie
|
| | | |
De apostelen: eerst printen en dan maar kleuren!!


Winnende foto’s van de vorige keer (palmpaasstokken):

De uitleg van de nieuwe kwartetfiguren (in nr 7.6) klapt uit als je erop klikt
AARTSENGEL MICHAEL
De naam Michael betekent: Wie is als God. Samen met Raphael en Gabriel hoort hij bij de groep aartsengelen. Het woord aartsengel komt uit het Grieks, en betekend “opperboodschapper”. Hij wordt gezien als engel van de gerechtigheid en beschermer van de kerk. Hij is ook de vertrouwde van God die Gods geboden aan de mensen doorgeeft. De Feestdag voor alle aartsengelen is 29 september.
ANTONIUS VAN PADUA
werd ca. 1195 in Lissabon in een rijke, adellijke familie geboren. Hij was een minderbroeder – franciscaan en werkte als theoloog en kerkleraar. Hij is de patroonheilige van de franciscanen, verloren voorwerpen, vrouwen en kinderen, armen, bakkers, mijnwerkers, het huwelijk, reizigers en verliefden en patroon tegen schipbreuk, de pest en koorts. Antonius overleed 13 juni 1231 te Padua. Rond zijn graf in Padua is de basiliek Basilica di Sant ‘Antonio gebouwd. Nog geen jaar naar zijn overlijden op 30 mei 1232 werd Antonius in Spoleto (Italië) door Paus Gregorius IX heilig verklaard.
DE DUIF
komt heel vroeg in de Bijbel voor, in het verhaal van Noach en de grote vloed. Nadat de regen ophield en het water begon te zakken, stuurde Noach eerst een raaf uit om te zien of er ergens land was, maar die kon nergens een droge plek vinden. Toen stuurde Noach een duif – drie keer in totaal – en op de tweede poging kwam ze terug met een blad van een olijfboom in haar snavel. De derde keer kwam ze niet meer terug. Noach opende het raam van de ark en zag dat de aarde droog was. God was niet meer boos op de mensen en zou de aarde nooit meer laten overstromen. Sinds die tijd is de duif een symbool van vrede geworden.
In het Nieuwe Testament komen wij de duif weer tegen toen Jezus werd gedoopt. De hemel ging open en de Heilige Geest daalde neer in de vorm van een duif. Daarom is de duif ook een symbool van de Heilige Geest geworden. Je ziet hem vaak in schilderijen en kerken.
MIRIAM
en haar broertje Mozes waren Israelieten die in Egypte woonden. Toen Mozes geboren werd wilde de boze koning van Egypte, de farao, hem doden net als alle andere jongetjes. Maar zijn moeder stopte hem in een mandje en zette het tussen het riet aan de oever van de rivier de Nijl. Miriam verstopte zich vlakbij om te zien wat er zou gebeuren. De dochter van de farao, die in de rivier wilde baden, vond de baby en had medelijden met hem. Op dat moment kwam Miriam te voorschijn en vroeg de prinses of zij een kindermeisje wilde om voor de baby te zorgen. De prinses zei:”Ja, doe dat!” Dus Miriam holde naar huis om haar moeder te halen. Zo kon Mozes veilig met zijn moeder en zus thuis blijven totdat hij oud genoeg was om in het paleis van de prinses te gaan wonen.
Later, toen Mozes een man werd, leidde hij de Israelieten uit Egypte en door de Rode Zee. Toen Miriam zag dat de familie veilig en droog was, pakte ze haar tamboerijn en danste langs de waterkant terwijl ze een loflied zong om God te danken.
De kwartetfiguren van eerdere nummers
MOZES
De naam Mozes lijkt op een Egyptisch achtervoegsel met de betekenis “zoon van”. Volgens de bijbel was Mozes de voornaamste profeet.
Mozes werd in de ballingschap in Egypte geboren. De Farao had bevolen alle nieuwgeboren jongetjes van de Joden te doden, maar de moeder van Mozes stopte haar zoon in een biezenmandje en liet hem op de Nijl wegdrijven. Een dochter van de Farao vond het kind en liet hem uit medelijden opvoeden. Toen Mozes volwassen was geworden, doodde hij een Egyptische opzichter, die een Joods slaaf had geslagen.. Om niet zelf gedood te worden, moest hij naar het land Midjan vluchten, waar hij 40 jaar verbleef totdat de Farao gestorven was. In de woestijn kwam hij op een dag een braamstruik tegen, die wel in vuur stond, maar niet verbrandde. God gaf Mozes vanuit de struik de opdracht het Joodse volk uit de slavernij te leiden en naar het beloofde land te brengen.
PETRUS
De Latijnse naam Petrus betekent steenrots. De heilige Petrus is één van de twaalf apostelen die Jezus tijdens zijn ‘openbare’ leven als vrienden ondersteunden.
In de evangeliën kunnen wij het verhaal van zijn roeping lezen. Hij is een eenvoudige visser, woonachtig te Kafarnaum, die zijn netten in de steek laat om Jezus te volgen om voortaan visser van mensen te zijn.
Vóór zijn roeping tot het apostelambt heet hij Simon, hij is de zoon van ene Jonas en zijn broer is bekend als de apostel Andreas. We weten zeker dat Petrus getrouwd is geweest want het evangelie vertelt hoe Jezus zijn schoonmoeder van een ziekte geneest.
Jezus, zegt tegen Petrus: “Jij bent Petrus, de rots waarop ik mijn kerk zal bouwen. Petrus is ook de beschermheilige van onze sleutelstad Leiden.
VIJF BRODEN EN TWEE VISSEN
Op een eenzame plek buiten de dorpen, stonden duizenden mensen naar Jezus te luisteren. Tegen de avond hadden de mensen honger en de leerlingen van Jezus wilden hun naar de dorpen sturen om daar eten te vinden. Maar Jezus zei: “Nee. Ze kunnen hier eten. Hoeveel broden hebben jullie?” Een van zijn leerlingen die Andreas heette antwoordde: “Er is een jongen hier met vijf broodjes en twee vissen.” “Goed,”zei Jezus. “Laat de mensen in groepen gaan zitten.”
Toen nam Jezus de broden en de vissen en dankte God. Hij brak ze en gaf ze aan zijn leerlingen om uit te delen. Allemaal hadden ze volop te eten en er waren genoeg stukken over om twaalf manden te vullen. En weet je hoeveel mensen er waren? Vijfduizend mannen zonder ook de vrouwen en kinderen daarbij te tellen! Het was zeker een wonder.
FARAO
De koning van Egypte wordt vaak “Farao”genoemd. De meest beroemde Farao in de Bijbel was de koning die heerste in de tijd dat de Israelieten onder de leiding van Mozes uit Egypte wilden vluchten. Die farao had de Israelieten tot slaven gemaakt. Geen wonder dat het volk vertrekken wilde. Mozes en zijn broer Aaron gingen meerdere keren naar het paleis van de Farao om hem te vragen of het mocht. Maar de Farao wilde dat niet.
Tien keer heeft God de Egyptenaren met verschrikkelijke plagen getroffen en uiteendlijk mochten de Israelieten vertrekken. Maar direct daarna kreeg de Farao spijt van en ging ze achterna met zijn paarden en zijn strijdwagens. Toen het leger probeerde de Israelieten door de Rietzee te volgen liet God het water over de soldaten terugstromen en verdronken ze allemaal. Zo konden de Israelieten veilig ontsnappen uit het land van de boze Farao.
MARIA
Verhalen over Maria komen vaak voor in de Bijbel. Wij vinden Maria voor het eerst in haar woonplaats Nazaret waar ze bezoek krijgt van de engel Gabriel die haar vertelt dat zij de moeder van Jezus wordt. Daarna gaat ze zelf op bezoek bij haar nicht Elizabeth die ook een kind verwacht. En natuurlijk staat Maria centraal in het Kerstverhaal: bij de geboorte van Jezus en het bezoek van de herders en de wijzen.
Moeder Maria is altijd aanwezig in de verhalen over Jezus als kind. Maar ook als Hij volwassen is. Bij voorbeeld bij het bruiloft in Kana, aan het einde van Zijn leven aan het kruis en bij de vreugde van de verrijzenis. En vergeet niet: Maria is niet alleen de moeder van Jezus maar zij is ook onze moeder in de hemel.
JOZEF
Jozef is de man van Maria en de pleegvader van Jezus. Hij werkte als timmerman in het stadje Nazaret en zorgde goed voor zijn gezin. Jozef komt vaak voor in het Kerstverhaal. Hij en Maria moesten naar Betlehem reizen omdat zijn familie daar vandaan kwam. Na het bezoek van de wijzen uit het oosten, werd Jozef in een droom gewaarschuwd om Maria en het kindje Jezus naar Egypte te brengen om aan de boze koning Herodus te ontsnappen.
Nadat hij met zijn familie terug naar Nazaret keerde, horen wij maar een paar keer over Jozef. Hij blijkt gestorven te zijn voordat Jezus met zijn werk begon. Jozef is een heel geliefde heilige. Hij is de patroonheilige van arbeiders (vooral timmermannen natuurlijk!) en heeft twee feestdagen: een op 19 maart en de andere op 1 mei.
ELIA
Elia is een van de belangrijkste profeten van het Oude Testament. Een profeet is iemand die een speciale boodschap van God aan de mensen moet vertellen. In die tijd hadden de Israëlieten hun rug naar God gekeerd en gingen de god Baal aanbidden. Elia hield een wedstrijd met 450 priesters van Baal. Hij zei: “Wij maken twee offers aan twee aparte altaars. Een is voor God en de andere is voor Baal. Wij steken het vuur niet aan maar ik zal de Heer God aanroepen en jullie zullen Baal aanroepen. De god die antwoord geeft door het hout in brand te steken is de ware God.” De priesters van Baal riepen de hele dag aan Baal maar er gebeurde niets. Elia begon hen te bespotten. Toen gooide hij zelfs water over zijn eigen altaar zodat het hout helemaal nat werd! Hij riep aan God. Direct sloegen de vlammen uit het altaar en de mensen riepen: “Alleen de Heer is God.”
DE BRUILOFT VAN KANA
Jezus en zijn leerlingen werden uitgenodigd op een bruiloft in het dorpje Kana in Galilea. Maria was er ook. Iedereen was vrolijk aan het feesten toen de wijn opraakte. Maria ging naar Jezus en vroeg Hem om iets te doen. Ze vertelde de bedienden om alles te doen wat Jezus zei. Jezus vertelde de bedienden om zes grote kruiken met water te vullen en daarna wat uit te scheppen en aan de ceremoniemeester te brengen. Nadat die een slok had genomen zei hij verbaasd: “Meestal drinken de gasten de beste wijn eerst en daarna de wat minder goede. Maar jij hebt de beste wijn tot het laatst bewaard!” De verandering van water in wijn was de eerste wonder dat Jezus verrichte.
ELISABETH
Elisabeth is de moeder van Johannes de Doper en de nicht van Maria. Elisabeth en haar man, Zacharias, waren al op hoge leeftijd toen zij in verwachting was van Johannes. Toen Maria het nieuws hoorde ging ze meteen bij Elizabeth op bezoek om haar te helpen.
GABRIEL
De Aartsengel Gabriel is een van Gods belangrijkste boodschappers. Hij vertelde de maagd Maria dat zij zwanger zal worden van Jezus. Maria zei: “Ik gehoorzaam aan Gods wil en ik ben bereid alles te doen wat hij van me vraagt.” Ook vertelde hij aan Zacharias dat zijn vrouw Elizabeth moeder zou worden van Johannes de Doper. Zacharias geloofde hem niet en als straf kon hij niet meer praten totdat Johannes geboren werd!
HET SCHAAP
Sinds de vroegste tijden waren schapen gehouden in het land van de Bijbel. Ze stonden niet in de wei zoals hier in Nederland maar trokken rond in grote kuddes. De mensen volgden hun kuddes op zoek naar het lekkerste gras en woonden dan in tenten. Schapen werden gehouden voor hun melk. Daarvan was ook boter gemaakt. Wol was gesponnen en geweven om kleren te maken. En uiteraard was het vlees goed te eten. De dieren waren dus heel belangrijk en een boer met veel schapen was een rijke man.
HERODUS
Herodus de Grote was koning van Judea toen Jezus geboren werd. De wijzen (drie koningen) kwamen toen uit het oosten en vroegen waar ze de nieuwe koning van de Joden konden vinden want zij hadden zijn ster zien opkomen. Bij Herodes vernamen ze dat de Messias volgens de profetie in
Bethlehem geboren zou worden. Herodes wilde weten wie deze ‘rivaal’ was om hem uit de weg te kunnen ruimen.Maar dat zei hij niet tegen zijn bezoekers. Hij vertelde hen dat hij ook eer wilde bewijzen aan de pasgeborene en vroeg de wijzen om hem alles te vertellen op de terugweg. Maar de wijzen werden in een droom gewaarschuwd en ze gingen langs een andere weg naar huis.
Jozef en
Maria waren echter met Jezus gevlucht naar
Egypte. Pas na de dood van Herodes keerden zij uit Egypte terug.
DE PROFEET JESAJA
De profeet Jesaja, geboren rond 765 voor Christus, wordt soms de ‘koninklijke profeet’ genoemd, omdat hij de indruk wekte tot een van de adellijke families van Juda te horen. Volgens de joodse overlevering zou hij zelfs van koninklijken bloed zijn geweest. In het sterfjaar van koning Uzzia van Juda (740 voor Chr.) wordt hij geroepen tot het profetenambt. Als eerste profeet kondigde hij de Israëlieten de komst van de Messias als redder van de armen aan.
KONING DAVID
David was volgens de Hebreeuwse Bijbel de tweede koning van het Koninkrijk Israël. Hij leefde 1000 voor Christus en was de schrijver van een aantal psalmen. Bekend geworden is hij door zijn eerste gevecht met de Filistijnse reus Goliath. Tijdens deze vechtpartij doodde David zijn tegenstander met een steen uit zijn slinger, een wapen waarmee hij tijdens het hoeden van de schapen ruimschoots had kunnen oefenen.
DE STORM
Jezus kalmeert storm op zee (uit Mattheüs 8: 23-27)
Hij stapte in de boot en zijn leerlingen volgden hem. Plotseling begon het meer enorm te kolken, zodat de boot bijna door de golven werd verzwolgen. Maar Jezus sliep. Ze maakten hem wakker en riepen: ‘Heer, red ons toch, we vergaan!’ Hij zei tegen hen: ‘Waarom hebben jullie zo weinig moed, kleingelovigen?’ Toen stond hij op en sprak de wind en het water bestraffend toe, en het meer kwam geheel tot rust. De mensen zeiden vol verbazing: ‘Wat is dit toch voor iemand, dat zelfs de wind en het water hem gehoorzamen?
DE SPRINKHAAN
Het ergste wat boeren in landen grenzend aan de Middellandse Zee kan overkomen is een langdurige droogte of een sprinkhaanplaag. Sprinkhanen zijn insecten die in grote getalen optrekken en alles wat op hun pad komt en groen is volledig kaalvreten. In het boek Exodus kun je over de achtste plaag die God over de Egyptenaren bracht lezen en je ongeveer voorstellen wat dit voor een catastrofe voor de mensen moet zijn geweest.( Exodus 10: 1-20) De vroege gewassen, het vlas en de gerst, waren al door de hagel neergeslagen; nu waren de tarwe en de spelt aan de beurt (Exodus 9: 31-32) Omdat de Farao steeds weigerde naar God te luisteren, voerde Hij met een oostenwind een zwerm sprinkhanen aan, groter dan Egypte ooit had gezien. In Arabische landen gebruikt men nog steeds sprinkhanen als voedsel. Dus is het niet zo vreemd dat Johannes de Doper, toen hij in de woestijn was, leefde van deze insecten en wilde honing (Matteüs 3:4).
DE KONINGIN VAN SHEBA
In de Bijbel reist de koningin van Sheba naar koning Salomo van Israël, nadat zij van zijn grote wijsheid had gehoord. Wij denken dat het koningrijk van Sheba ten zuiden van Israel lag, misschien waar de huidige Ethiopië of Jemen zijn.
Zij ging naar Jeruzalem met een grote stoet kamelen. Ze naam goud, specerijen en edelstenen als geschenken voor hem mee. Ze was zo onder de indruk van Salomo’s wijsheid en rijkdom dat ze zijn God zegende, waarop Salomo haar veel cadeaus gaaf en zij keerde terug naar haar eigen land.
In de bijbel (1 Koningen 10: 1-13) kan je over de koningin van Sheba lezen.
AARTSENGEL RAFAEL
Een aartsengel is een soort hoofdengel. Hij is een boodschapper van God en hij bidt voor zijn troon in de hemel. Rafael is een van de drie aartsengelen en hij viert zijn feest, samen met Michaël en Gabriël, op 29 September.
In het hebreeuws betekent Rafael “God heeft genezen”. De engel komt voor in het boek Tobit als de reisgenoot van de jonge Tobias. Hij beschermt Tobias tegen het kwaad en geneest zijn blinde vader. Daarom is Rafaël de beschermheilige van de reizigers en staat hij ook als de genezer bekend.
Je kunt meer lezen over Rafaël in de Bijbel (in het boek Tobit) of in het prentenboek “Tobias” door Jan Mark.
DE DROMEDARIS
Dromedaris en kamelen kunnen wekenlang zonder water gaan maar, als ze eindelijk gaan tanken, drinken ze tot 100 liter in een keer! Dat is ook nodig als je in de woestijn woont. Daar is het heet, er is weinig te eten en je kunt dagen rondreizen voor dat je een waterbron vind. In hun bult slagen ze vet op als een bron van energie.
Dromedarissen en kamelen trekken door de woestijn in een lange rij of “karavaan” en dragen allerlei handelswaren op hun rug. Ze worden “het schip van de woestijn” genoemd. In het Oude Testament lezen wij hoe de koningin van Sheba Jeruzalem binnen kwam met kamelen vol beladen met specerijen, goud en kostbare edelstenen.
Johannes de Doper droeg een kleed van kamelenhaar. Jezus vertelde ook over een kameel. Hij zei: “Een kameel komt makkelijker door het oog van een naald dan een rijke man in het koninkrijk van God.”
FRANCISCUS
Sint Franciscus van Assisi is een van de meest geliefde heiligen in de geschiedenis. Hij woonde in Italië in de middeleeuwen, de tijd van de ridders. Zijn vader was een rijke koopman maar Franciscus heeft alles opgegeven om Jezus te volgen.
Hij had een speciale liefde voor arme en zieke mensen. Hij leefde heel eenvoudig en hield van de natuur en de dieren. Veel mensen hebben zich bij hem aangesloten. Die waren de eerste Franciscaners. Zijn feestdag is op 4 oktober. Dat is ook wereld dierendag!